Hoofdstuk 29:  Afkeer

Een leven in het zonlicht, wat kon ze zich nog meer wensen? 
Ze glimlachte van oor tot ook bij de gedachte en knikte naar hem. 
'Begrepen.'  

De vurige hoop dat Oscar haar spoedig mee naar zijn huis zou nemen, had Clara na een poos teleurgesteld weggedrukt. Zijn groeiende ergernis als ze ernaar vroeg, had haar enthousiasme getemperd. Zonder duidelijkheid over wat hij dan precies van haar verwachtte, bleef hij zeggen dat ze er niet klaar voor was en erover op moest houden tot het punt dat ze voor zichzelf besloot er niet meer naar te vragen. Het zou niet meer gebeuren. Iedere keer opnieuw moest ze na Oscars bezoek terug de aarde in. Aan hem liet ze niets blijken, maar de weerstand die ze inwendig voelde als ze door het luik via de ladder naar beneden klom, groeide met de dag. Ze haatte deze plek tot diep in iedere cel van haar lichaam. Oscar had het voor elkaar gekregen dat ze zich had afgekeerd van de plek die ze had aangenomen als haar thuis. Door haar perspectief te verruimen en haar het licht te tonen, besefte ze hoe klein en verstikkend de donkere ruimte was. De muren vielen haar aan, de geur benauwde haar, het donker vrat haar op en de stilte maakte haar gek. Net als jaren eerder krijste ze uren achter elkaar, krabde ze haar nagels kapot langs de wanden, rolde ze zich op tot een balletje op het beschimmelde matras en huilde ze zichzelf in slaap.
‘Kom,’ zei Oscar op een dag zoals alle andere, toen hij in de vervallen schuur zijn broek omhoogtrok en Clara, verdreven uit haar eigen lichaam, overeind kwam op de tafel en haar jurk gedachteloos weer fatsoeneerde. Automatisch stond ze op en liep ze naar het openstaande luik om terug in de aarde te zakken.
‘Nee, deze kant,’ zei hij.
Langzaam keek ze op. Ze begreep niet wat hij bedoelde.
Hij knikte over zijn schouder en gebaarde haar hem te volgen.
Verward liep ze achter hem aan.

Langs de hoge muur van onkruid liep Oscar naar de zijkant waar een smal paadje een nauwe doorgang bleek te zijn tussen de stengels en bladeren van de woekerende Japanse duizendknoop. Abrupt bleef hij staan en draaide zich naar haar om.
'Je weet wat ik heb gezegd. Je zegt geen woord en je doet wat je gevraagd wordt.'
Het besef dat de dag eindelijk was gekomen, raakte Clara als een bominslag. Uiterlijk bleef ze volledig beheerst, maar van binnen ontwaakte ze. Het zonlicht leek opeens feller te gaan schijnen. De verscheidenheid in alle kleuren groen die haar omringde in deze woekerende plek in de tuin, viel haar nu pas op. Diep in haar binnenste voelde ze een warmte stromen die er al een tijd niet meer was geweest. Zou Oscar haar nu eindelijk meenemen naar zijn huis? Ze durfde geen enkele klank te maken, bang dat Oscar zich zou bedenken en haar terug zou brengen naar het gat in de aarde. 
Ze merkte dat ze haar schouders optrok en haar rug een beetje kromde om zich kleiner te maken.
‘Nou?’ snauwde hij.
Met grote ogen keek ze naar hem op en knikte vlug.
‘Meekomen dan,’ bromde hij.
Gedwee liep ze achter hem aan. Met haar ogen gericht op de grond, volgde ze de achterkant van de schoenen van Oscar, die haar leidde langs de andere zijde van de muur van de Japanse duizendknoop naar een smal, bestraat paadje dat uit het niets leek te verschijnen tussen het onkruid.

Door haar wimpers heen richtte ze voorzichtig haar blik naar voren om langs Oscar te kijken naar wat er voor hen lag. Aan het uiteinde van het pad zag ze een boerderij liggen in de zon. Links van haar zag ze de keurig onderhouden moestuin, rechts van haar, tussen de bomen door, zag ze de wei waar een geit en een koe ontspannen stonden te grazen. Aan de lijn voor het huis hingen grote witte lakens die zachtjes meebewogen op de lichte bries. De warmte in haar onderbuik spreidde zich langzaam uit. Ze kon zich niet herinneren dat ze ooit eerder een plek had gezien die zo mooi was. Al die keren dat ze in het donker had gefantaseerd over Oscars huis, hadden bij lange na niet overeengekomen met wat haar ogen nu konden waarnemen. Ze was terechtgekomen in het paradijs. Dat kon niet anders. Ze zou er alles aan doen om hier te mogen blijven.

Hoe dichter ze bij de boerderij kwam, hoe meer details ze zag. Ze keek haar ogen uit, hoewel ze Oscars aanwezigheid geen moment uit het oog verloor. In een gedoken houding, om zichzelf zo klein mogelijk te maken, verborg ze haar opgetogenheid bij de schoonheid die ze ervoer. Eén verkeerde beweging, één verkeerd geluid, één verkeerde blik kon ervoor zorgen dat Oscar haar zonder enige aarzeling terugstuurde naar het donker, zonder enig vooruitzicht op een kans om opnieuw terug te keren naar deze wonderbaarlijke plek. Ze mocht het niet verknallen.

Met haar ogen gericht op de grond, stapte Clara de drempel over van de openstaande achterdeur van de boerderij. De geur van de brandende haard in de oven, de geur van de groentesoep die in een grote pan op het vuur stond te pruttelen, de geur van zeepsop die ontsteeg uit de zinken emmer met heet water, gaven Clara het gevoel dat het huis haar verwelkomde en haar borgde in zijn binnenste. Alsjeblieft, smeekte Clara in zichzelf, laat mij hier nooit meer weg hoeven.
‘Clara?’ riep Oscar opeens luid in de richting van een geopende deur aan de andere kant van de keuken.
Clara verstijfde. Waarom riep hij haar zo hard? Ze stond naast hem. Wat verwachtte hij van haar? Wat moest ze doen, vroeg ze zich haastig af toen ze plotseling geluid hoorde vanuit de gang.
‘Ik ben hier,’ antwoordde een zachte vrouwenstem.
Oscar draaide zijn hoofd naar Clara en legde zijn vinger op zijn lippen.
‘Geen woord, weet je nog,’ siste hij naar haar.
Opnieuw knikte Clara naar hem, haar lippen stijf gesloten op elkaar.
Met een natte, dampende dweil aan een steel verscheen een jonge vrouw met een bezweet voorhoofd en blonde plukken haar die uit de knot op haar hoofd piekten, in de deuropening van de gang. Een kort moment ving Clara de ogen van de jonge vrouw en ze zag de vrouw bijna onmerkbaar schrikken. Snel sloeg Clara haar ogen neer.
‘Dit is onze nieuwe dienstbode,’ zei Oscar tegen de jonge vrouw. ‘Laat haar zien hoe je alles doet,’ zei hij met een knik in de richting van Clara. ‘Leer haar hoe ze het huishouden moet doen. Alles wat je weet.’
Er viel een korte stilte, waarin een vreemde spanning groeide en Clara's maag zich samenkneep. Ze maakte zich nog wat kleiner om zo onzichtbaar mogelijk te zijn.
‘Natuurlijk,’ fluisterde de jonge vrouw monotoon.

Praat mee over dit hoofdstuk

In de Facebookgroep van ZIJ WAS CLARA kun je met andere lezers sparren over het verhaal, de personages bespreken en de spanning gezamelijk beleven. Deel je gedachtes en leef met elkaar mee. Het is een unieke ervaring om met z'n allen tegelijk op deze manier een boek te lezen.

 

Alle thrillers van Sietske Scholten zijn op deze manier ontstaan. Bij ieder boek liet ze de lezers over haar schouders meelezen, terwijl zij het boek schreef. De reacties van lezers maakt het schrijven voor haar nog leuker.

©Sietske Scholten. Alle rechten voorbehouden.

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.